|
nno Domini 1967 is blijkbaar een vruchtbaar jaar geweest. Niet alleen kwam in dat jaar yours truly ter wereld, het is ook het bouwjaar van de Albin-motor die in de Olleke ligt. Zoals bekend beginnen bij 40-plussers de eerste tekenen van slijtage en verval op te treden. Weliswaar hebben we de Albin in november 2009 voorspoedig aan het draaien gekregen (zie stukje hier), na verloop van tijd openbaarden zich toch wat verborgen gebreken (zie stukje hier). Hoe het er in de diepste krochten van de viercilinder benzinemotor werkelijk voor stond, ontsnapte tot nu toe aan onze waarneming. En omdat je in zo'n klein bootje eigenlijk alleen veilig het water op kunt als je blindelings op je motor kunt vertrouwen, was het hoog tijd voor wat diepgravend motoronderhoud.
Een eerdere eigenaar van de Undine had verteld dat de koelwaterkanaaltjes in de Albinmotor nogal nauw zijn en de neiging hebben om dicht te slibben. Een soort aderverkalking in je motor dus. Albinkenner Maarten Klop bevestigde dat verhaal, en gaf aan dat om de koelkanaaltjes goed onder handen te nemen zowel de cilinderkop (bovenop de motor) als de in- en uitlaat (aan de zijkant van de motor) gedemonteerd, schoongemaakt en van nieuwe pakkingen voorzien moesten worden. En als je dan toch bezig bent, is het ook raadzaam om waterpomp en carburateur te demonteren en schoon te maken, en aan de andere zijde van de motor de carterdeksels te verwijderen om te controleren of er geen vuil onderin de motor zit opgehoopt.
Zo geadviseerd, zo gedaan: via Maarten heb ik bij Albin in Zweden een set nieuwe pakkingen en andere onderdelen (zoals bougies en contactpuntjes) besteld, en gisteren ben ik in alle vroegte aan het sleutelen gegaan. Het beloofde een prachtige herfstdag te worden, maar om half acht was het in de Olleke nog behoorlijk fris!
Eerst de eenvoudigste klus: het demonteren van de kop. Kwestie van 14 bouten losdraaien, een paar leidinkjes demonteren en hop, daar liggen de zuigers en kleppen bloot. De roetaanslag valt reuze mee, maar je ziet als je goed kijkt wel een paar hoopjes bruine drab liggen: dat is de rommel die de koelwatercirculatie kan belemmeren.

Vervolgens komen de klussen die - vanwege de beperkte ruimte om de motor - wat lastiger zijn: het demonteren van de spruitstukken voor in- en uitlaat, en de andere machinerie. Als dat gebeurd is, staat eigenlijk alleen het kale motorblok nog op zijn plek. Inderdaad blijken zich in het binnenste van de motor flinke koeken roest en drab te hebben afgezet. Ik bik en schep het er zo goed mogelijk uit. Voor een echte goede schoonmaakbeurt zou je eigenlijk hogedrukspuit en perslucht nodig hebben, maar dat bewaar ik maak voor een volgende keer.

Inmiddels is het prachtig weer voor het in de buitenlucht openleggen, schoonmaken en opnieuw verven van de verschillende onderdelen. Daarna kan de boel weer gemonteerd worden. Omdat de geleverde pakking voor de waterpomp te dun is - het ding zit na montage muurvast - leg ik opnieuw contact met Maarten. Om acht uur kan ik bij hem een stuk pakkingpapier ophalen dat dikker is, en waar ik zelf de juiste vorm in moet knippen. In afwachting van deze laatste onderdelen vul ik de rest van de dag met wat andere klussen, zoals het aanbrengen van de nieuwe naam (voor de herkomst zie stukje hier).

Na het avondeten (ter geruststelling voor diegenen die al onbestorven klusweduwen en -weesjes voor zich zien: dat genoot ik met mijn gezin in Waddinxveen) haal ik eerst het pakkingpapier op en rij vervolgens terug naar Dordrecht, want ik heb er mijn zinnen op gezet om de motor voor de zondag aanbreekt weer aan het draaien te hebben. Na een paar uurtjes stug doorsleutelen zitten alle onderdelen weer schoongemaakt en wel stevig op hun plek. Voor het gelijkmatig vastdraaien van de cilinderkop heb ik mijn - speciaal hiervoor aangeschafte - 'momentsleutel' gebruikt, een tang die je precies kunt instellen op de kracht waarmee je een moer wilt aandraaien (voor de kenners: in dit geval 65 Nm).
Klokke 11 uur is een korte druk op de startknop voldoende om de motor weer brommend tot leven te laten komen. Verbeeld ik het me nu of draait hij mooier dan voorheen? Enfin, vierenveertig jaar: klaar voor zijn (en mijn) tweede jeugd!
|